Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- een vertegenwoordiger van de Raad, [naam03] ;
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 29 november 2023 uitspraak gedaan in een zaak betreffende de voorlopige ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen. De Raad voor de Kinderbescherming had verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing tot 17 februari 2024. De kinderen verblijven momenteel in een pleeggezin.
De moeder en vader zijn gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag, maar er zijn ernstige zorgen over het psychisch welzijn van de moeder, die beschuldigingen uit richting de vader en anderen zonder bewijs, wat de kinderen angstig maakt. Daarnaast heeft de vader geen eigen woonruimte, waardoor terugplaatsing momenteel niet mogelijk is. De moeder staat open voor hulpverlening, maar tot nu toe is vrijwillige hulp onvoldoende van de grond gekomen.
De kinderrechter oordeelt dat de voorlopige ondertoezichtstelling passend en geboden blijft en dat de machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van de kinderen. Er zal nader onderzoek plaatsvinden naar de thuissituatie en passende hulpverlening. De schoolgang en andere zorgbehoeften van de kinderen krijgen ook aandacht. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en kan binnen drie maanden worden aangevochten.
Uitkomst: De voorlopige ondertoezichtstelling wordt gehandhaafd en de machtiging tot uithuisplaatsing verlengd tot 17 februari 2024.