Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM-18-
bevel gevangenhouding van de raadkamer d.d. 28 november 2023
(artikel 65 Wetboek Pro van Strafvordering)
[verdachte01] ,
Procedure
Beoordeling
Beslissing
90 (negentig) dagen;
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 28 november 2023 besloten tot voortzetting van de gevangenhouding van verdachte, die eerder in februari 2023 veroordeeld werd voor een overtreding van artikel 138aa Sr, maar hiertegen hoger beroep heeft ingesteld. Verdachte werd op 12 november 2023 opnieuw aangetroffen in een voorbereide container op een afgesloten haventerrein, voorzien van gereedschap en benodigdheden voor een illegaal verblijf, hetgeen duidt op een poging tot het plegen van een strafbaar feit onder artikel 138aa Sr.
De rechtbank acht de ernstige bezwaren en het recidivegevaar aanwezig en wijst het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af. De rechtbank motiveert dat toepassing van artikel 67a lid 3 Sv niet aan de orde is en dat het strafvorderlijk belang zwaarder weegt dan het persoonlijk belang van verdachte bij invrijheidstelling. Tevens stelt de rechtbank vast dat het ontbreken van inzicht in de beweegredenen van verdachte het onmogelijk maakt om adequate schorsingsvoorwaarden vast te stellen.
De rechtbank benadrukt dat het langdurig uitstellen van voorlopige hechtenis vanwege lopende hoger beroepen in strijd is met de bedoeling van de wetgever bij de invoering van artikel 138aa Sr. De beslissing is genomen in raadkamer en betreft een gevangenhouding van negentig dagen.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de gevangenhouding van verdachte met negentig dagen en wijst het verzoek tot schorsing af.