ECLI:NL:RBROT:2023:10297
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs voor witwassen en drugssmokkel
De rechtbank Rotterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het verwerven en voorhanden hebben van een groot geldbedrag waarvan hij wist of moest vermoeden dat het uit een misdrijf afkomstig was, alsmede het opzettelijk binnenbrengen van circa 475 kilogram cocaïne in Nederland.
Tijdens de terechtzittingen op 25 september en 23 oktober 2023 werd het bewijs beoordeeld. De officier van justitie vorderde vrijspraak, omdat het bewijs niet voldeed aan de wettelijke eisen van wettigheid en overtuiging.
De rechtbank volgde dit standpunt en oordeelde dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen. Daarom sprak de rechtbank de verdachte zonder nadere motivering vrij van alle tenlasteleggingen.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer voor strafzaken op 6 november 2023, waarbij de rechterlijke macht bestond uit voorzitter A. Boer en rechters C. Laukens en E. IJspeerd.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor witwassen en drugssmokkel.