ECLI:NL:RBROT:2023:10011
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussentijdse beëindiging van schuldsaneringsregeling wegens tekortkomingen schuldenaar
De rechtbank Rotterdam heeft op 12 oktober 2023 uitspraak gedaan over het verzoek tot tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling van een schuldenaar. De bewindvoerder had de rechter-commissaris verzocht de regeling te beëindigen vanwege meerdere tekortkomingen van de schuldenaar.
De bewindvoerder stelde dat de schuldenaar sinds januari 2023 niet voldeed aan zijn sollicitatieplicht, onvoldoende informatie verstrekte ondanks herhaalde verzoeken en nieuwe schulden had laten ontstaan, waaronder een achterstand bij de zorgverzekeraar Menzis en een verhoogde schuld bij een deurwaarder. De schuldenaar was niet verschenen op de zitting.
De rechtbank oordeelde dat de schuldenaar toerekenbaar tekort is geschoten in zijn verplichtingen en onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat dit niet aan hem te wijten is. De rechtbank benadrukte dat de schuldenaar goed op de hoogte moest zijn van zijn verplichtingen en dat zijn handelswijze geen saneringsgezinde houding toont.
Daarom werd de schuldsaneringsregeling tussentijds beëindigd op grond van artikel 350 lid 3 sub c Faillissementswet Pro. Tevens stelde de rechtbank het salaris van de bewindvoerder vast op maximaal € 1.944,41 inclusief kosten en omzetbelasting.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens tekortkomingen in de nakoming van verplichtingen door de schuldenaar.