ECLI:NL:RBROT:2022:7148

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
20 juli 2022
Publicatiedatum
25 augustus 2022
Zaaknummer
C/10/639851 / JE RK 22-1393
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:255 BW
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking ondertoezichtstelling kind wegens bedreigde ontwikkeling en loyaliteitsconflict

De Raad voor de Kinderbescherming regio Rotterdam-Dordrecht verzocht op 15 juni 2022 om een ondertoezichtstelling van een kind geboren in 2016, vanwege ernstige bedreiging van de ontwikkeling. De ouders oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit, maar het kind woont bij de moeder. Na beëindiging van de relatie tussen de ouders is er onvoldoende communicatie en vertrouwen, wat leidt tot een loyaliteitsconflict bij het kind.

De vrijwillige hulpverlening heeft niet het gewenste resultaat gehad. Zowel de Raad als de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond ondersteunden het verzoek. De moeder verzette zich niet en de vader stemde in met het verzoek. De kinderrechter oordeelde dat de ouders onvoldoende inzicht hebben in hun aandeel en de gevolgen van hun handelen op het kind.

Gezien de ernst van de situatie en het wettelijke criterium van artikel 1:255 BW Pro, werd het kind onder toezicht gesteld voor twaalf maanden, van 20 juli 2022 tot 20 juli 2023. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door betrokken partijen via hoger beroep bij het gerechtshof Den Haag.

Uitkomst: Kind wordt onder toezicht gesteld voor twaalf maanden wegens bedreigde ontwikkeling en loyaliteitsconflict.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd
Zaakgegevens: C/10/639851 / JE RK 22-1393
datum uitspraak: 20 juli 2022

beschikking ondertoezichtstelling

in de zaak van

de Raad voor de Kinderbescherming regio Rotterdam-Dordrecht,

hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam,
betreffende

[naam kind], geboren op [geboortedatum kind] 2016 te [geboorteplaats kind],

hierna te noemen [naam kind].
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam moeder], hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder],

[naam vader], hierna te noemen de vader, wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Het procesverloop

Het procesverloop blijkt uit het verzoek met bijlagen van de Raad van 15 juni 2022, ingekomen bij de griffie op 15 juni 2022.
Op 20 juli 2022 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld.
Gehoord zijn:
- de moeder,
- de vader,
- een vertegenwoordigster van de Raad, te weten [naam 1],
- een vertegenwoordiger van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, hierna de GI, te weten [naam 2].
Bijzondere toegang is verleend aan [naam 3] en [naam 4] van Sterk in Regie.

De feitenHet ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de ouders.

[naam kind] woont bij de moeder.

Het verzoek

De Raad heeft een ondertoezichtstelling van [naam kind] verzocht voor de duur van twaalf maanden.

De standpunten

De Raad heeft ter zitting het verzoek gehandhaafd.
De GI heeft ter zitting het verzoek van de Raad ondersteund.
De moeder heeft zich ter zitting niet verzet tegen het verzoek van de Raad.
De vader heeft ter zitting verklaard dat hij het eens is met het verzoek van de Raad.

De beoordeling

Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [naam kind] ernstig in haar ontwikkeling wordt bedreigd. Na het beëindigen van hun relatie zijn de ouders onvoldoende in staat om in het belang van [naam kind] met elkaar te communiceren. Zij ervaren wantrouwen naar elkaar en hebben onvoldoende inzicht in hun eigen aandeel in de situatie. De ouders hebben onvoldoende inzicht in wat de gevolgen zijn van hun handelen op [naam kind]. Daardoor is er bij [naam kind] sprake van een loyaliteitsconflict. De ingezette vrijwillige hulpverlening heeft niet het gewenste resultaat gehad. Nu de ouders nog niet zelfstandig in staat zijn de bedreigde ontwikkeling van [naam kind] af te wenden en ervoor te zorgen dat zij onbelast contact heeft met haar beide ouders, is op dit moment hulpverlening in het gedwongen kader noodzakelijk.
Uit voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW). Daarom zal de kinderrechter [naam kind] onder toezicht stellen voor de duur van twaalf maanden.

De beslissing

De kinderrechter:
stelt [naam kind] onder toezicht van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, gevestigd te Rotterdam, met ingang van 20 juli 2022 tot 20 juli 2023;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 20 juli 2022 door mr. C.N. Melkert, kinderrechter, in tegenwoordigheid van D. van der Aa als griffier.
De griffier is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 26 juli 2022.
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.