De gemeente Rotterdam legde eiseres op 2 april 2020 een naheffingsaanslag parkeerbelasting op van €67,- wegens parkeren zonder betaling op de Allard Piersonstraat te Rotterdam. Eiseres stelde de naheffing niet digitaal te hebben ontvangen en diende een bezwaarschrift in na ontvangst van een fysieke herinnering. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding, omdat eiseres via MijnOverheid.nl post digitaal ontvangt en zelf de berichten moet controleren.
De rechtbank oordeelde dat niet is gebleken dat verweerder voldoende heeft onderzocht of eiseres akkoord was met digitale notificatie zonder waarschuwing. Hierdoor kon de termijnoverschrijding niet aan eiseres worden toegerekend en werd het bezwaar ontvankelijk verklaard. Inhoudelijk stelde eiseres dat haar auto niet op de aangegeven datum in Rotterdam was, maar de rechtbank achtte het HAS-rapport en de foto’s met kenteken en locatie overtuigend bewijs dat de auto wel degelijk geparkeerd stond op de locatie.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit van niet-ontvankelijkverklaring, maar liet de naheffingsaanslag zelf in stand. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres. Het beroep werd gegrond verklaard en de zaak kan in hoger beroep worden behandeld bij het gerechtshof Den Haag.