Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- schuldigverklaring zonder oplegging van een straf of maatregel.
Rechtbank Rotterdam
Op 26 januari 2018 werd ingebroken in een bedrijfspand te Rotterdam waarbij onder meer pinpassen, laptops en een kluis met waardevolle inhoud werden weggenomen. Verdachte werd herkend op camerabeelden door meerdere politiemedewerkers die hem ambtshalve kenden. De rechtbank achtte deze herkenningen betrouwbaar en stelde vast dat verdachte medepleger was van de bedrijfsinbraak.
De verdediging voerde aan dat de camerabeelden onvoldoende kwaliteit hadden en dat de herkenningen onbetrouwbaar waren, maar de rechtbank verwierp deze bezwaren na eigen beoordeling van de beelden. Verdachte werd schuldig verklaard aan diefstal door middel van braak, gepleegd samen met anderen.
Hoewel de ernst van het feit en het strafblad van verdachte normaal gesproken een straf rechtvaardigen, oordeelde de rechtbank dat vanwege de overschrijding van de redelijke termijn en toepassing van artikel 63 Sr Pro geen straf of maatregel wordt opgelegd. De benadeelde partij vorderde materiële schadevergoeding, waarvan €15.125,11 werd toegewezen met wettelijke rente vanaf de datum van het delict. Het overige deel van de schadevordering werd niet-ontvankelijk verklaard en dient bij de burgerlijke rechter te worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte wordt schuldig verklaard zonder strafoplegging en veroordeeld tot betaling van €15.125,11 schadevergoeding met rente.