Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De procedure
- de moeder en de vader, bijgestaan door mr. P. van de Kolk namens mr. V.S. Nolet;
- de raad, vertegenwoordigd door [persoon A]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De minderjarige, geboren in 2010, draagt officieel een jongensnaam maar identificeert zich als meisje en lijdt aan genderdysforie. Haar ouders, als wettelijk vertegenwoordigers, verzoeken de rechtbank om haar voornaam te wijzigen in een naam die aansluit bij haar genderidentiteit. De rechtbank heeft de minderjarige gehoord en stelt vast dat zij al vier jaar door het leven gaat onder haar gewenste naam en dat deze naam ook door haar omgeving wordt gebruikt.
De rechtbank overweegt dat hoewel namen in de burgerlijke stand niet zomaar gewijzigd mogen worden, het belang van de minderjarige om officieel erkend te worden met haar gewenste naam zwaarder weegt dan het algemeen belang bij het behoud van ongewijzigde namen. De minderjarige ondervindt ernstige psychische hinder van het gebruik van haar officiële jongensnaam, wat haar lijdensdruk verhoogt.
Hoewel de minderjarige nog niet in transitie is en haar lichamelijke ontwikkeling nog niet in de puberteit is, acht de rechtbank dit geen belemmering voor de naamswijziging. De psycholoog bevestigt dat de gevoelens van genderdysforie zich nog kunnen ontwikkelen, maar dat de huidige lijdensdruk substantieel is. De rechtbank volgt de conclusie van de raad en wijst het verzoek toe. De griffier wordt opgedragen de wijziging door te geven aan de burgerlijke stand van Rotterdam.
Uitkomst: Verzoek tot wijziging van de voornaam van de minderjarige wordt toegewezen vanwege zwaarwegend belang bij erkenning van haar genderidentiteit.