Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De procedure
2..Standpunten
3..Beoordeling
3..De beslissing
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),
wonende te [adres] ,
[postcode] [woonplaats] ;
[persoon A] ;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde het verzoek van de schuldenaar om zijn op 25 februari 2020 uitgesproken faillissement op te heffen en gelijktijdig toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) uit te spreken. Verzoeker stelde dat hij door omstandigheden die niet aan hem zijn toe te rekenen niet eerder een WSNP-verzoek had kunnen indienen, en dat hij daarom ontvankelijk verklaard moest worden.
De curator adviseerde positief over het verzoek en achtte de bijzondere omstandigheden voldoende reden voor toewijzing. Verzoeker was gedurende het faillissement als zelfstandige werkzaam geweest, had zijn boekhouding op orde en was sinds januari 2022 in vaste dienst bij een voormalig opdrachtgever, waardoor hij zijn verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling naar verwachting zal nakomen.
De rechtbank stelde vast dat het faillissement niet op eigen aangifte was uitgesproken, er geen verificatievergadering had plaatsgevonden en dat verzoeker redelijkerwijs niet kon worden verweten dat hij geen eerder WSNP-verzoek had ingediend. Gezien deze omstandigheden oordeelde de rechtbank dat verzoeker ontvankelijk was en in staat was zijn verplichtingen na te komen.
Daarom werd het faillissement opgeheven, de schuldsaneringsregeling uitgesproken en het salaris van de curator definitief vastgesteld. Tevens werden een rechter-commissaris en bewindvoerder benoemd om de regeling te begeleiden.
Uitkomst: Het faillissement wordt opgeheven en de schuldsaneringsregeling wordt uitgesproken wegens bijzondere omstandigheden.