ECLI:NL:RBROT:2022:352

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
18 januari 2022
Publicatiedatum
21 januari 2022
Zaaknummer
10/960096-16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 29f SvArt. 36 Sv (oud)
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenbeslissing schorsing strafzaak verzoekster IS-verdachte in Syrië

Op 18 januari 2022 heeft de meervoudige raadkamer van de rechtbank Rotterdam een tussenbeslissing genomen in een strafzaak tegen een verzoekster die als IS-verdachte in Syrië wordt beschouwd. Het verzoek tot beëindiging van de strafzaak op grond van artikel 29f Sv werd behandeld, waarbij de verzoekster zelf niet aanwezig was.

De rechtbank besloot het onderzoek in de raadkamer te schorsen voor ten hoogste drie maanden. De zaak zal vervolgens gelijktijdig met vier andere vergelijkbare zaken worden behandeld, die op 11 oktober 2021 in de raadkamer zijn besproken. De bedoeling is dat de strafzaak dan gereed is voor een verklaring van einde zaak, tenzij er bijzondere omstandigheden zijn die dit verhinderen.

Deze beslissing betekent dat de strafzaak voorlopig wordt opgeschort en dat de rechtbank streeft naar een gezamenlijke afronding van meerdere zaken van IS-verdachten. Het proces-verbaal is vastgesteld en ondertekend door de oudste rechter en de griffier, en de behandeling vond plaats met gesloten deuren.

Uitkomst: De strafzaak is geschorst voor maximaal drie maanden en wordt samen met andere zaken behandeld met het oog op een verklaring van einde zaak.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam
Team straf 2
Parketnummer: 10/960096-16
Raadkamernummer: 18/1863
Proces-verbaalvan de meervoudige raadkamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam op 18 januari 2022.
Tegenwoordig als:
voorzitter mr. J.L.M. Boek,
rechters mrs. J.J. Bade en M. Zoethout,
officier van justitie mr. C.D. Kardol,
griffier mr. A.K. van Zanten.
De zaak wordt met gesloten deuren behandeld.
(…)
Aan de orde is de voortgezette behandeling van het op 15 juni 2018 ter griffie van deze
rechtbank ingediende verzoekschrift op de voet van artikel 36 (oud), thans 29f, van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:

[naam verzoekster],

geboren te [geboorteplaats verzoekster]) op [geboortedatum verzoekster],
voor deze zaak domicilie kiezende te [adres], op het kantoor van haar raadsvrouw mr. E. Kolokatsi.
De verzoekster is in raadkamer niet verschenen.
(…)

De voorzitter deelt (…) mee dat de rechtbank als volgt heeft beslist.

- De rechtbank
schorst het onderzoek in de raadkamer voor ten hoogste 3 (drie) maanden;
- De zaak wordt dan aangebracht tegelijk met de vier andere zaken die in de raadkamer op 11 oktober 2021 zijn behandeld, te weten de zaken van de verzoeksters [naam 1], [naam 2], [naam 3] en [naam 4];
- De strafzaak tegen de verzoekster ligt dan gereed voor een ‘verklaring einde zaak’. Behoudens bijzondere omstandigheden zal de rechtbank dan verklaren dat de zaak geëindigd is.
(…)
Dit proces-verbaal is vastgesteld en ondertekend door de oudste rechter en de griffier.