ECLI:NL:RBROT:2022:3326
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid per 2 november 2020
Eiseres, administratief medewerker, vroeg een WIA-uitkering aan na ziekmelding wegens depressieve klachten. Het UWV weigerde de uitkering omdat haar arbeidsongeschiktheid op 2 november 2020 werd vastgesteld op 33,11%, onder de 35% grens. De medische beoordeling door een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige concludeerden dat eiseres nog drie functies kon vervullen met een verdiencapaciteit van 66,89% van haar oude loon.
Eiseres betwistte de zorgvuldigheid van het onderzoek, met name het ontbreken van een lichamelijk onderzoek ondanks fysieke klachten. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, mede doordat de verzekeringsarts bezwaar en beroep alle relevante medische informatie en een hoorzitting via videobellen had betrokken. De artsen concludeerden dat de beperkingen voornamelijk psychisch waren en dat er geen objectieve aanwijzingen waren voor fysieke beperkingen op de datum in kwestie.
De arbeidsdeskundigen bevestigden dat de functies geschikt waren gezien de beperkingen van eiseres. De rechtbank vond dat het UWV voldoende had onderbouwd dat eiseres minder dan 35% arbeidsongeschikt was en wees het beroep ongegrond. Hierdoor krijgt eiseres geen WIA-uitkering en worden haar proceskosten niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de WIA-uitkering wordt geweigerd wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.