Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..Het geschil
3..De beoordeling
4..De beslissing
:
dinsdag 19 april 2022 om 13.30 uur;
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een geschil tussen Woningbouwvereniging Oost West Wonen en een huurder over huurachterstand en ontbinding van de huurovereenkomst. Oost West Wonen vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van het gehuurde en betaling van achterstallige huur en kosten. De huurder betwist de ontbinding en ontruiming, maar erkent een betalingsregeling.
Enkele uren voor de mondelinge behandeling berichtte Oost West Wonen dat een regeling was getroffen en dat de zitting niet door hoefde te gaan. De gemachtigde van de huurder verscheen echter wel en betwistte dat er een volledige schikking was bereikt over ontbinding en ontruiming. De kantonrechter oordeelde dat de mondelinge behandeling rechtmatig heeft plaatsgevonden en dat de mededeling van Oost West Wonen niet bindend is.
Daarom bepaalt de kantonrechter een nieuwe mondelinge behandeling en stelt partijen in de gelegenheid hun verhinderingen door te geven. Tevens wijst de rechter op de procedurele verplichtingen omtrent het indienen van stukken en aanwezigheid tijdens de zitting. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor het bepalen van een nieuwe datum.
Uitkomst: De kantonrechter bepaalt een nieuwe mondelinge behandeling vanwege betwisting over de schikking en wijst partijen op procedurele verplichtingen.