ECLI:NL:RBROT:2022:2663
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit toepassing kostendelersnorm door Drechtstedenbestuur
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van eiser tegen het Drechtstedenbestuur inzake de toepassing van de kostendelersnorm. In een eerdere tussenuitspraak was geoordeeld dat de motivering van de toepassing van deze norm onvoldoende was. Verweerder heeft daarop gesteld af te zien van de toepassing van de kostendelersnorm.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat het bestreden besluit strijdig is met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Omdat verweerder nog geen nieuw besluit heeft genomen, voorziet de rechtbank zelf in de zaak door het primaire besluit te herroepen voor zover de kostendelersnorm is toegepast.
Verder wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 2.979,50. De uitspraak vervangt het vernietigde besluit en is gedaan door rechter S. Veling op 11 april 2022.
Uitkomst: Het besluit over de toepassing van de kostendelersnorm wordt vernietigd en het primaire besluit wordt herroepen.