Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
€ 756,43
in 2020. Dat is €1.032,- voor het gehele jaar. (…)
3..Het geschil
4..De beoordeling
5..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
Eiseres is eigenaar van een appartement in een complex met een gemeenschappelijke centrale verwarmingsinstallatie beheerd door de vereniging gedaagde. Sinds 2018 functioneerde de installatie niet naar behoren, wat leidde tot hogere gas- en elektriciteitskosten voor eiseres. Ondanks klachten en onderzoeken werd de installatie pas in 2021 vervangen.
Eiseres vordert een schadevergoeding van €900 wegens de hogere energiekosten in het verwarmingsseizoen 2018-2019, gebaseerd op een vergelijking met Nibud-normen en haar daadwerkelijke elektriciteitsverbruik. Gedaagde betwist de omvang van de schade en wijst op het bouwjaar van het complex en isolatieverschillen.
De rechtbank stelt vast dat er sprake was van een gebrek aan de installatie en dat gedaagde als beheerder aansprakelijk is voor de schade. De schade kan niet nauwkeurig worden vastgesteld, maar de rechtbank schat deze op €700, waarbij zij de berekening van eiseres grotendeels volgt en rekening houdt met de ligging van het appartement op de bovenste verdieping.
De vordering wordt deels toegewezen, waarbij de extra elektriciteitskosten buiten beschouwing worden gelaten. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €700 en in de proceskosten. Het meer gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De kantonrechter veroordeelt de vereniging tot betaling van €700 aan eiseres wegens hogere stookkosten door een gebrekkige centrale verwarmingsinstallatie.