ECLI:NL:RBROT:2022:11987
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over vergoeding en verrekening bij beëindiging huurovereenkomst woonruimte
Partijen zijn overeengekomen dat de huurder de woning verlaat en een vergoeding van € 30.000,- ontvangt. De huurder verhuisde en ontving een deelbetaling van € 15.195,66. Er is onenigheid over de juiste verrekening en het resterende bedrag.
De huurder stelt recht te hebben op € 20.000,- totaal, terwijl verhuurder stelt dat de reeds betaalde € 15.195,66 finale kwijting is. Verhuurder onderbouwt de vergoeding met huur, borg en compensatie voor gebreken minus een huurachterstand.
De huurder betwist de huurachterstand zonder bewijs en levert geen alternatieve berekening aan. De kantonrechter oordeelt dat de huurder onvoldoende heeft gespecificeerd en wijst de vorderingen af. Beide partijen dragen eigen proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vorderingen af en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.