Uitspraak
tandartspraktijk [naam],
Vereniging van Eigenaars [naam],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
In deze civiele procedure tussen een tandartspraktijk als eiseres en een vereniging van eigenaars als gedaagde heeft de rechter, mr. R.R. Roukema, een verzoek tot verschoning ingediend. Dit verzoek werd gedaan nadat tijdens de voorbereiding van de mondelinge behandeling bleek dat de eisende partij de zoon is van een vriendin van de echtgenote van de rechter, terwijl de echtgenoot van deze vriendin tevens als adviseur van de eisende partij optreedt.
De rechter voelde zich hierdoor niet vrij om de zaak te behandelen en heeft partijen hiervan op de hoogte gesteld, waarna de mondelinge behandeling werd uitgesteld. De rechtbank heeft het verzoek tot verschoning beoordeeld aan de hand van de criteria voor onpartijdigheid van rechters, waarbij werd vastgesteld dat er geen aanwijzingen zijn voor subjectieve partijdigheid van de rechter.
Echter, de objectieve vrees dat de onpartijdigheid van de rechter zou kunnen lijden door de genoemde familie- en belangenrelaties werd als zwaarwegend aangemerkt. Daarom heeft de rechtbank het verzoek tot verschoning toegewezen om de onpartijdigheid en het vertrouwen in de rechtspraak te waarborgen.
De beslissing is genomen door een meervoudige kamer voor verschoningszaken van de rechtbank Rotterdam en ondertekend door de voorzitter en twee rechters, met een griffier aanwezig. De zaak betreft een civiele procedure met kenmerk 9756775 CV EXPL 22-1165.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen vanwege objectief gerechtvaardigde vrees voor schending van onpartijdigheid.