ECLI:NL:RBROT:2022:11569
Rechtbank Rotterdam
- Verschoning
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens vrees vooringenomenheid in nalatenschapszaak
In een civiele procedure betreffende de vereffening van een nalatenschap heeft de rechter een verzoek tot verschoning ingediend. Dit verzoek vloeit voort uit de eerdere beschikking waarbij de rechter heeft vastgesteld dat een van de procespartijen ernstig tekort is geschoten in de vereffening van de nalatenschap.
Hoewel de rechter subjectief onpartijdig achtte te kunnen blijven, werd erkend dat bij de betrokken partij de vrees voor een gebrek aan rechterlijke onpartijdigheid objectief gerechtvaardigd is. Dit betreft een uitzonderlijke situatie waarin de rechter zelf het verzoek tot verschoning heeft ingediend om de schijn van partijdigheid te vermijden.
De rechtbank heeft het verzoek tot verschoning toegewezen om de onpartijdigheid van de rechtspraak te waarborgen. De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer bestaande uit drie rechters, waarbij twee rechters de beschikking ondertekenden in afwezigheid van de voorzitter en oudste rechter.
Uitkomst: Verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen wegens objectief gerechtvaardigde vrees voor onpartijdigheid.