Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 18 maanden met aftrek van het voorarrest, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar, met als bijzondere voorwaarden dat de verdachte meewerkt aan begeleiding en toezicht vanuit de jeugdreclassering, meewerkt aan de behandeling vanuit Ancoz of een soortgelijke instelling en daarna met de behandeling vanuit de forensische GGZ, meewerkt aan het onderwijsprogramma en de begeleiding vanuit Chapter Next, en een contactverbod heeft met het slachtoffer en de scouting;
- met opdracht aan de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;
- dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarden en het uit te oefenen toezicht.
4..Waardering van het bewijs
5..Strafbaarheid feit
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf
27 oktober 2022, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld.
8..Vorderingen benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregelen
€ 8.961,37, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten als hieronder in de beslissing vermeld.
€ 2.970,16, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten als hieronder in de beslissing vermeld.
9..Toepasselijke wettelijke voorschriften
10..Bijlagen
11..Beslissing
jeugddetentie voor de duur van 12 maanden;
[het slachtoffer01] , te betalen een bedrag van
€ 8.961,37 (zegge: achtduizendnegenhonderdeenenzestig euro en zevendertig eurocent), bestaande uit
€ 1.461,37 aan materiële schade en € 7.500,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 16 april 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;
€ 2.970,16 (zegge: tweeduizendnegenhonderdzeventig euro en zestien eurocent), bestaande uit € 470,16 aan materiële schade en € 2.500,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 16 april 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [het slachtoffer01] te betalen
€ 8.961,37(hoofdsom,
zegge: achtduizendnegenhonderdeenenzestig euro en zevendertig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 april 2022 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde01] te betalen
€ 2.970,16(hoofdsom,
zegge: tweeduizendnegenhonderdzeventig euro en zestien eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 april 2022 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen;