Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding van 8 april 2021, met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties;
- de ter zitting overgelegde foto’s door Poort6.
Rechtbank Rotterdam
De huurder heeft vanaf 28 maart 2014 een woning gehuurd van de verhuurder Poort6. Na beëindiging van de huurovereenkomst in april 2017 vordert Poort6 betaling van herstelkosten voor het opruimen van een hennepkwekerij en andere herstelwerkzaamheden.
Poort6 kon niet aantonen dat de woning bij oplevering slechter was dan bij aanvang, omdat geen opleveringsrapport bij aanvang bestond en zij onvoldoende bewijs leverde dat de woning beschadigd was achtergelaten. De huurder betwistte de schade en stelde dat hij de woning schoon en zonder schade had opgeleverd.
De rechtbank oordeelde dat het op de verhuurder rust om tegenbewijs te leveren dat de woning slechter werd opgeleverd, maar Poort6 slaagde hier niet in. Politiefoto’s van de hennepkwekerij en een opleverformulier met betwiste handtekening waren onvoldoende bewijs. Daarom werden de vorderingen afgewezen en werd Poort6 veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van verhuurder tot betaling van herstelkosten wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van schade bij oplevering.