ECLI:NL:RBROT:2021:7604
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging van bestuursbesluiten inzake eisen aan overvulbeveiliging brandstoftanks Shell
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van Shell tegen besluiten van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid die op grond van artikel 27 van Pro de Arbowet eisen stelden aan de naleving van artikel 5 van Pro het Besluit risico's zware ongevallen 2015 (Brzo) betreffende de overvulbeveiliging van brandstoftanks.
De minister stelde dat het ontbreken van een fysiek onafhankelijke instrumentele overvulbeveiliging (FOIO) op bepaalde tanks een overtreding vormde en dat het risico op zware ongevallen door overvullen aanwezig was. Shell voerde aan dat zij een Proactief operator monitoring programma (POM) hanteert dat gelijkwaardig is aan FOIO en dat niet alle tanks hetzelfde risico lopen, waardoor niet voor alle tanks dezelfde eisen gelden.
De rechtbank oordeelde dat de motivering van de besluiten ondeugdelijk was, met name omdat de minister onvoldoende had onderzocht of bij de niet-Buncefield tanks daadwerkelijk een zwaar ongeval kan ontstaan en of de door Shell getroffen maatregelen afdoende zijn. De rechtbank vernietigde de besluiten voor zover zij zien op lege tanks en niet-Buncefield tanks, maar liet de rechtsgevolgen voor Buncefield tanks en tanks van bepaalde klassen in stand. Tevens werd de minister opgedragen nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de bestuursbesluiten voor lege en niet-Buncefield tanks wegens onvoldoende motivering en laat de rechtsgevolgen voor Buncefield tanks en bepaalde klasse 3 en 4 tanks in stand.