Uitspraak
1Rechtbank Rotterdam
kantoorhoudende aan de Achillesstraat 290,
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft faillissement aangevraagd van ELLEN’s HAIRCARE B.V. wegens onbetaalde vorderingen, waaronder loon en transitievergoeding. Verweerster erkent de vordering maar beroept zich op de Tijdelijke wet COVID-19 (Betalingsuitstelwet) en vraagt aanhouding van de procedure om de situatie te verbeteren.
De rechtbank heeft het aanhoudingsverzoek getoetst aan de voorwaarden van de Betalingsuitstelwet. Verweerster slaagt er niet in aannemelijk te maken dat zij vóór half maart 2020 voldoende liquide middelen had en dat haar betalingsproblemen uitsluitend of hoofdzakelijk door COVID-19 zijn veroorzaakt. Ook is onvoldoende duidelijk of zij na de uitstelperiode haar schuldeisers kan voldoen.
Daarnaast wordt het belang van verzoekster bij snelle duidelijkheid benadrukt, mede vanwege haar aanspraak op de Loongarantieregeling. De rechtbank concludeert dat de belangen van verzoekster wezenlijk en onredelijk worden geschaad bij verdere uitstel.
Daarom wijst de rechtbank het verzoek tot aanhouding af en spreekt het faillissement uit. Mr. C.G.E. Prenger wordt benoemd tot rechter-commissaris en mr. P.A. Visser tot curator.
Uitkomst: Verzoek tot aanhouding van faillissementsprocedure afgewezen en faillissement uitgesproken.