ECLI:NL:RBROT:2021:6614

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
28 juni 2021
Publicatiedatum
9 juli 2021
Zaaknummer
21/825 (552a Sv) 21/1603 (552f Sv)
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94 SvArt. 552a SvArt. 552f Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorwaardelijke teruggave bestelauto met verborgen ruimte onder herstelvoorwaarde

Op 30 december 2020 is een bestelauto met een verborgen ruimte in beslag genomen op grond van artikel 94 Sv Pro. De klager, die niet als verdachte wordt aangemerkt, verzocht om teruggave van de auto en bood aan deze op eigen kosten in de originele staat te herstellen.

De rechtbank stelt vast dat een auto met een verborgen ruimte in beginsel vatbaar is voor onttrekking aan het verkeer vanwege het risico op crimineel gebruik. Omdat de verborgen ruimte echter niet gekoppeld kan worden aan strafbaar gedrag van de klager, wordt hem de mogelijkheid geboden de auto te laten herstellen.

De procedure voorziet in het opmaken van een offerte voor herstelkosten vanuit de opslaglocatie. Indien de klager de herstelwerkzaamheden laat uitvoeren en betaalt, krijgt hij de auto terug. Indien niet, zal de auto worden onttrokken aan het verkeer.

De rechtbank verklaart het klaagschrift voorwaardelijk gegrond en wijst de vordering tot onttrekking aan het verkeer voorwaardelijk af onder dezelfde herstelvoorwaarde. De praktische uitvoering hiervan vereist verdere afstemming tussen klager en openbaar ministerie, met een streefdatum uiterlijk 1 september 2021.

Uitkomst: De auto wordt voorwaardelijk teruggegeven onder de voorwaarde dat de klager de verborgen ruimte op eigen kosten laat herstellen en betaalt; anders wordt de auto onttrokken aan het verkeer.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2
Raadkamernummers: 21/825 (552a Sv)
21/1603 (552f Sv)
Beschikkingvan de rechtbank Rotterdam, enkelvoudige raadkamer, op het klaagschrift van:

[naam klager], klager,

geboren te [geboorteplaats klager] op [geboortedatum klager],
voor deze zaak domicilie kiezende te [adres] ten kantore van zijn advocaat mr. A.S. van der Biezen.

Procedure

Op 30 maart 2021 is op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) een klaagschrift ingediend. Verder heeft de officier van justitie op de voet van artikel 552f Sv een vordering tot onttrekking aan het verkeer ingediend.
Het klaagschrift en de vordering zijn op 28 juni 2021 door de raadkamer in het openbaar behandeld. De officier van justitie mr. N. Aandewiel, de klager, zijn raadsman en de belanghebbende [naam] zijn gehoord.

Feiten

Op 30 december 2020 is te Hendrik-Ido-Ambacht onder een ander dan de klager, te weten [naam], beslag gelegd op een bestelauto, Mercedes-Benz Citan met kenteken [kentekennummer] (hierna: de auto).
Het beslag is gelegd op grond van artikel 94 Sv Pro naar aanleiding van het aantreffen van een verborgen ruimte in de auto.

Standpunt klager en standpunt officier van justitie

Het klaagschrift strekt tot teruggave van de auto aan de klager. Primair is aangevoerd dat er sprake is van een onrechtmatige doorzoeking van de auto, omdat de bestuurder geen toestemming heeft gegeven. Subsidiair is het standpunt dat het belang van strafvordering zich niet verzet tegen teruggave. De klager biedt namelijk aan om de auto in de originele staat terug te brengen. De vordering tot onttrekking aan het verkeer moet dan ook worden afgewezen.
De officier van justitie heeft geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beklag. Er is geen aanleiding om te twijfelen aan het proces-verbaal van de doorzoeking van de auto, zodat het beslag rechtmatig is. Het ongecontroleerde bezit van een auto met een verborgen ruimte is in strijd met de wet en het algemeen belang. De auto is daarmee vatbaar voor onttrekking aan het verkeer. Het belang van strafvordering verzet zich dus tegen teruggave. Het voorstel van de klager om de auto terug te brengen in de originele staat is niet uitvoerbaar.

Beoordeling

Rechtmatigheid beslag
Nog daargelaten dat de enkele ontkenning van [naam] over de gang van zaken bij doorzoeking van de auto niet zonder meer aanleiding biedt om te twijfelen aan de juistheid van het door de verbalisanten opgemaakte proces-verbaal, is de rechtmatigheidsvraag hier niet aan de orde. De auto is namelijk niet onder de klager in beslag genomen
Klaagschrift
Vaststaat dat in de laadbak van de auto een verborgen ruimte is aangetroffen en dat deze ruimte leeg was. Niet is gebleken dat de klager wist van het bestaan van die ruimte of daarvan gebruik heeft gemaakt.
De rechtbank stelt voorop dat een auto met een verborgen ruimte in beginsel in aanmerking komt voor onttrekking aan het verkeer, omdat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of het algemeen belang. Dergelijke ruimtes worden namelijk gebruikt voor criminele activiteiten. Een en ander betekent dat de auto in de huidige staat niet terug kan worden gegeven aan de klager. Omdat het aantreffen van de ruimte echter niet kan worden gekoppeld aan enig strafbaar handelen, moet de klager de gelegenheid krijgen om de auto op eigen kosten te laten herstellen.
Ten aanzien van de procedure in verband met dat herstel wordt het volgende overwogen. Vanuit de huidige opslaglocatie van de auto zal een offerte van de herstelkosten (doen) worden opgemaakt op basis waarvan de klager zal bepalen of hij de auto wel of niet in originele staat laat herstellen. Als hij ervoor kiest om de herstelwerkzaamheden uit te laten voeren dan wordt hij als opdrachtgever daartoe aangemerkt en zal hij na betaling van de gefactureerde herstelkosten de auto terugkrijgen. Voor zover de klager geen herstel laat plaatsvinden, zal de auto worden onttrokken aan het verkeer.
De rechtbank realiseert zich dat de praktische uitvoering van het voorgaande nog wel de nodige invulling vereist van de kant van het openbaar ministerie en de klager. Op zitting heeft zijn raadsman toegezegd hierover in contact te zullen treden met de zittingsofficier van justitie. Wel wordt ervan uitgegaan dat de uitvoering van een en ander uiterlijk 1 september 2021 moet kunnen zijn gerealiseerd.
Het klaagschrift zal voorwaardelijk gegrond worden verklaard, in die zin dat de teruggave van de auto zal worden bevolen, onder de voorwaarden dat de klager de auto in originele staat laat herstellen en de daaraan verbonden kosten heeft betaald. Voor het geval niet aan deze voorwaarden wordt voldaan, zal het klaagschrift ongegrond worden verklaard.
Vordering tot onttrekking aan het verkeer
Gelet op wat hiervoor is overwogen, zal deze vordering voorwaardelijk worden afgewezen, namelijk onder de voorwaarde dat de auto is hersteld en dat dat is betaald door de klager.
Voor het geval de klager de auto niet laat herstellen, zal de vordering worden toegewezen.

Beslissing

De rechtbank:
t.a.v. RK-nummer 21/825:
  • verklaart het beklag
  • verklaart het beklag ongegrond voor zover niet aan (één van) deze voorwaarden is voldaan;
t.a.v. RK-nummer 21/1603:
  • wijst voorwaardelijk afde vordering onttrekking aan het verkeer, onder de voorwaarde dat de klager de auto in originele staat laat herstellen én de daaraan verbonden kosten;
  • wijst de vordering toe, voor zover niet aan (één van) deze voorwaarden is voldaan en bepaalt voor dat geval dat de auto wordt onttrokken aan het verkeer.
Deze beschikking is gegeven door mr. V.F. Milders, rechter,
in tegenwoordigheid van mr. K. Dere, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op 28 juni 2021.