Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden met aftrek van voorarrest.
4..Waardering van het bewijs
De rechtbank stelt vast dat de verhoren op ambtsbelofte dan wel ambtseed zijn opgemaakt door de verbalisanten en zijn ondertekend door de verdachte. Vermeld is dat de verklaringen aan de verdachte zijn voorgelezen door de tolk. Tijdens de verhoren heeft de verdachte niet aangegeven dat de tolk een ander dialect sprak en de tolk hem niet goed begreep of vice versa. De rechtbank is van oordeel dat al het voorgaande afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van de verklaringen van de verdachte.
Ook het door de verdachte voor het eerst ter zitting geschetste alternatieve scenario, te weten dat de aangeefster nadat zij in de ochtend bij hem was weggegaan, door twee andere mannen is verkracht, acht de rechtbank ongeloofwaardig en onaannemelijk. Dit scenario vindt geen steun in de verklaringen van de aangeefster. Integendeel; zij verklaart uitdrukkelijk dat de man van het Facebookaccount één van de daders is en dat zij die nacht geen seks heeft gehad met andere personen. Bovendien wordt dit alternatieve scenario niet ondersteund door het dossier. De rechtbank wijst in dit verband op het feit dat bij de aangeefster slechts DNA is aangetroffen dat matcht met het DNA van de verdachte en één andere man. Ook strookt dit scenario qua tijdstip niet met de door de aangeefster bij de rechter-commissaris afgelegde verklaring, waaruit kan worden opgemaakt dat het nog donker was toen zij werd verkracht [2] , dat zij tussen 05.00 en 06.00 uur wegvluchtte en dat de verkrachting, het wegvluchten, het hulp vragen aan een man in het park en vervolgens aan een man buiten het park (de rechtbank begrijpt: de getuige [naam getuige] ) een
door de verdachte en/of zijn mededader(telkens)
deandere feitelijkheden hebben
5..Strafbaarheid feit
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf
8..Vordering benadeelde partij/ schadevergoedingsmaatregel
9..Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.. Bijlagen
11..Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 36 (zesendertig) maanden;
€ 9.270,- (zegge: negenduizendtweehonderdzeventig euro), bestaande uit € 770,- (zevenhonderdzeventig euro) aan materiële schade en € 8.500,- (achtduizendvijfhonderd euro) aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 26 augustus 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;
maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [naam benadeelde] te betalen
€ 9.270,-(hoofdsom,
zegge: negenduizendtweehonderdzeventig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 augustus 2019 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 9.270,- niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
81 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;