ECLI:NL:RBROT:2021:4887
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs in schietincident na drugsafspraak in Rotterdam
Op 16 augustus 2017 vond in Rotterdam een schietincident plaats in het trappenhuis van een appartementencomplex, waarbij een slachtoffer zwaargewond raakte. De aangevers waren vanuit België naar Rotterdam gekomen om verdovende middelen te kopen en spraken af met de verdachte en een onbekende man.
Tijdens de terechtzitting op 21 mei 2021 verklaarden alleen de verdachte en een van de aangevers over het incident, maar hun verklaringen waren tegenstrijdig en onvoldoende ondersteund door bewijs. De rechtbank kon daardoor niet vaststellen wie het slachtoffer heeft beschoten en oordeelde dat het tenlastegelegde, waaronder het bezit van een vuurwapen en diefstal met geweld, niet wettig en overtuigend bewezen kon worden.
De officier van justitie en de verdediging vorderden vrijspraak, welke door de rechtbank werd uitgesproken. De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding, en veroordeeld in de proceskosten. Het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte werd opgeheven.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs wie het slachtoffer heeft beschoten.