ECLI:NL:RBROT:2021:2305
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep inzake inzageverzoek persoonsgegevens op grond van de AVG
Eiser verzocht op grond van de AVG inzage in zijn persoonsgegevens die verwerkt worden door de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V). Verweerder verstrekte een overzicht van de verwerking, waarna eiser bezwaar maakte tegen dit besluit. Dit bezwaar werd ongegrond verklaard, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende had voldaan aan de verplichtingen uit de AVG door het verstrekken van een begrijpelijk overzicht van de persoonsgegevens. Eiser had niet aannemelijk gemaakt dat er meer persoonsgegevens zijn dan reeds verstrekt. Daarnaast heeft de rechtbank geoordeeld dat verweerder niet verplicht is om inzage te geven in onderliggende stukken waarin de persoonsgegevens verwerkt zijn.
Eiser stelde dat de namen van zijn moeder onzorgvuldig waren verwerkt en dat de verstrekte informatie onjuistheden bevatte. De rechtbank stelde echter dat het beroep zich uitsluitend richt op de vraag of verweerder heeft voldaan aan zijn informatieplicht en niet op de juistheid van de gegevens zelf. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot verstrekking van het verwerkingsoverzicht is ongegrond verklaard.