Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
[naam bedrijf]
1..Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding, met producties
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek, met producties;
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Rotterdam
Buma en Sena vorderden betaling van licentievergoedingen voor muziekgebruik over 2020 van een eenmanszaak die muziek gebruikte onder de naam van het bedrijf van de gedaagde. De gedaagde betwistte het bestaan van een overeenkomst met Sena en voerde aan dat vanwege de coronamaatregelen zijn winkel grotendeels gesloten was geweest, waardoor hij geen muziek openbaar maakte en dus niet verschuldigd zou zijn.
De kantonrechter oordeelde dat tussen Buma en de gedaagde wel degelijk een licentieovereenkomst bestond, ook al was de betaling van de factuur na de termijn, omdat het aanbod niet was ingetrokken en de gedaagde de licentie feitelijk had geaccepteerd door eerdere betalingen. Voor Sena was onvoldoende bewijs geleverd dat een overeenkomst was gesloten, zodat de vorderingen van Sena werden afgewezen.
Het beroep op onvoorziene omstandigheden wegens corona werd verworpen omdat er al een coulancecreditfactuur was verstrekt voor een deel van 2020 en de gedaagde onvoldoende had onderbouwd dat zijn winkel het grootste deel van het jaar gesloten was. De gedaagde werd veroordeeld tot betaling van de hoofdsom aan Buma, de wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten, alsmede proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling aan Buma, vorderingen van Sena worden afgewezen.