Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 3 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar en met oplegging van de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering;
- dadelijke uitvoerbaarheid van het als bijzondere voorwaarden op te leggen contact- en locatieverbod;
- oplegging van een vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht (Sr), inhoudende een contactverbod met [naam slachtoffer] en een locatieverbod voor de [straatnaam] te Rotterdam voor de duur van twee jaar en, indien niet aan de maatregel wordt voldaan, twee weken vervangende hechtenis per overtreding van de maatregel, met een totale duur van ten hoogste zes maanden, alsmede dadelijke uitvoerbaarheid van de maatregel.
4..Waardering van het bewijs
5..Strafbaarheid feiten
1..mishandeling;
2..belaging;
4..bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf en maatregel
psycholoog[naam psycholoog] hebben beiden een rapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 30 respectievelijk 31 maart 2021. De verdachte heeft slechts ten dele meegewerkt aan hun onderzoeken, zodat geen onderbouwde uitspraak kan worden gedaan over het recidiverisico of een zorgprognose kan worden gegeven.
8..Vordering benadeelde partij / schadevergoedingsmaatregel
9..Toepasselijke wettelijke voorschriften
10..Bijlagen
11..Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 126 (honderdzesentwintig) dagen;
120 (honderdtwintig) dagenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
2 (twee) jaar;
maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de
€ 750,- (zegge: zevenhonderdvijftig euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 1 november 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de Staat ten behoeve van [naam slachtoffer] te betalen
€ 750,-(hoofdsom,
zegge: zevenhonderdvijftig euro),vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 november 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 750,- niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
15 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;