Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- de dagvaarding van 20 oktober 2021, met 5 producties;
- de mondelinge behandeling op 29 oktober 2021.
Rechtbank Rotterdam
Partijen zijn in 2011 getrouwd en gezamenlijk eigenaar van de woning. Na hun echtscheiding in januari 2021 werd bepaald dat de man de woning nog zes maanden mocht bewonen, met de bedoeling dat hij de vrouw zou uitkopen. Deze termijn is inmiddels verstreken, maar de man heeft de financiering niet kunnen regelen en is in betalingsachterstand geraakt bij de hypotheek.
De hypotheekhouder heeft daarom een executieveiling aangekondigd voor januari 2022. De vrouw vordert dat de voorzieningenrechter haar vervangende toestemming verleent om namens de man de woning te verkopen en te leveren, indien de man niet binnen twee weken vrijwillig meewerkt.
De rechtbank oordeelt dat er gewichtige redenen zijn om deze machtiging te verlenen, omdat de man niet heeft aangetoond de vrouw uit te kunnen kopen en de woning dreigt te worden geveild. De vordering wordt toegewezen, met compensatie van proceskosten tussen partijen.
Uitkomst: De vrouw krijgt vervangende toestemming om de woning namens de man te verkopen en te leveren indien hij niet vrijwillig meewerkt.