Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
beschikking
[naam minderjarige] ,
[naam moeder] ,
Het procesverloop
De feiten
Het (aangehouden) verzoek
Het standpunt van [voornaam minderjarige]
De beoordeling
De beslissing
Den Haag.
Rechtbank Rotterdam
De gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering verzocht om een spoedmachtiging gesloten jeugdhulp voor de minderjarige, die op een besloten groep verbleef na een geweldsincident. De kinderrechter behandelde de zaak op 3 november 2021 met gesloten deuren, waarbij de minderjarige en een vertegenwoordiger van de GI aanwezig waren; de moeder was niet verschenen.
De ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing waren reeds verlengd tot 13 juli 2022. De GI had aanvankelijk ook een aansluitende machtiging voor gesloten jeugdhulp voor één maand verzocht, maar dit deel van het verzoek werd ter zitting ingetrokken. De minderjarige was gemotiveerd om aan de gestelde voorwaarden te voldoen om terug te keren naar de open groep.
De kinderrechter oordeelde dat door de intrekking van het aansluitende verzoek de gronden van dat deel niet meer konden worden onderzocht en wees dit verzoek af. Gezien de positieve ontwikkeling en verwachting dat de minderjarige op 11 november 2021 terugkeert naar de open groep, is de spoedmachtiging gesloten jeugdhulp niet langer noodzakelijk en wordt deze per die datum opgeheven.
De beschikking is op 3 november 2021 mondeling gegeven en op 16 november 2021 schriftelijk vastgesteld. Hoger beroep is binnen drie maanden mogelijk door verzoekers en belanghebbenden via de griffie van het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De spoedmachtiging gesloten jeugdhulp wordt per 11 november 2021 opgeheven en het resterende verzoek afgewezen.