Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..[gedaagde 1] ,
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
5..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
De Stichting Woonplus Schiedam vordert ontbinding van de huurovereenkomst met [gedaagden] wegens wanprestatie door het niet tijdig betalen van de huur. De huurders erkenden een huurachterstand van €2.307,45 over de periode oktober 2020 tot en met april 2021, welke na betaling van enkele termijnen is verminderd tot €2.274,77.
Woonplus vordert daarnaast ontruiming van de woning binnen twee weken na betekening van het vonnis en betaling van de wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. De huurders betwisten de omvang van de huurachterstand en overleggen betalingsbewijzen, maar komen niet tot een volledige betaling.
De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand ernstig genoeg is om ontbinding van de huurovereenkomst te rechtvaardigen, mede gelet op de jurisprudentie dat een achterstand van meer dan drie maanden doorgaans voldoende is. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen omdat aan de wettelijke vereisten is voldaan.
De huurders worden veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen na betekening van het vonnis, betaling van de resterende huurachterstand met rente, en maandelijkse huur tot aan ontbinding en gebruiksvergoeding daarna. Een verzoek tot betalingsregeling wordt afgewezen vanwege het ontbreken van bevoegdheid van de kantonrechter om deze op te leggen.
De proceskosten worden aan de huurders opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is gewezen door mr. B.J.R. van Tongeren.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurders worden veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur met rente en kosten.