Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..Het geschil
3..De beoordeling
4..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
Eiser vordert dat gedaagde wordt verboden lasterlijke en smadelijke uitspraken te doen, een rectificatie plaatst op social media en een immateriële schadevergoeding betaalt. Eiser stelt dat gedaagde al jaren kwaadspreekt, bedreigt en zijn eer aantast. Gedaagde betwist dit en stelt dat zij juist door eiser wordt lastiggevallen.
De rechtbank oordeelt dat de vorderingen te onbepaald zijn en onvoldoende onderbouwd met bewijs. Het enkele feit dat iemand zonder bewijs beschuldigd wordt, is niet zonder meer onrechtmatig en een rectificatie kan niet worden afgedwongen. Ook is spijt subjectief en niet afdwingbaar. De immateriële schadevergoeding wordt afgewezen omdat deze niet is onderbouwd en proceskosten forfaitair worden berekend.
De rechtbank verklaart eiser ontvankelijk, wijst de vorderingen af en veroordeelt eiser in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en is gewezen door rechter P. Joele.
Uitkomst: De rechtbank wijst alle vorderingen van eiser af en veroordeelt hem in de proceskosten.