Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
5..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
In deze zaak vordert AnderZorg betaling van openstaande zorgpremies van gedaagde over de maanden april, augustus en september 2019. Gedaagde betwist niet de premiebetaling, maar stelt dat hij reeds heeft betaald en levert betalingsbewijzen aan. AnderZorg erkent ontvangst van betalingen, maar stelt dat twee betalingen niet zijn verwerkt en brengt een overzicht en schema in dat betalingen en verrekeningen toont.
De kantonrechter constateert dat twee betalingen van in totaal € 86,49 niet zijn verwerkt door AnderZorg, maar dat de ontvangst hiervan niet is betwist. Daarom wordt dit bedrag in mindering gebracht op de hoofdsom van € 101,70. Hierdoor resteert een betalingsachterstand van € 15,21 die gedaagde moet voldoen.
De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen omdat deze onjuist zijn aangezegd. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf 13 februari 2020 tot volledige betaling. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 15,21 plus wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen.