ECLI:NL:RBROT:2020:6584
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens aantreffen harddrugs
De burgemeester van Schiedam heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet besloten tot sluiting van de woning van verzoeker voor zes maanden na de vondst van 64 Xtc-pillen en een geldbedrag in april 2020. Verzoeker, huurder van de woning, maakte bezwaar en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening tegen deze sluiting.
Verzoeker betoogde dat er geen sprake was van een handelsindicatie, dat de pillen voor eigen gebruik waren en dat hij niet strafrechtelijk veroordeeld was voor handel. Ook voerde hij aan dat de sluiting disproportioneel was en onvoldoende rekening hield met zijn persoonlijke situatie, zoals zijn Wajong-uitkering en hulpverlening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de hoeveelheid harddrugs ruim boven de gebruikershoeveelheid ligt en dat het Damoclesbeleid Schiedam 2020 een sluiting rechtvaardigt tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat geen handel plaatsvindt. Verzoeker maakte dit niet aannemelijk. Ook achtte de rechter de sluiting proportioneel en noodzakelijk ter bescherming van de openbare orde en volksgezondheid. Het beroep op het recht op privéleven faalde omdat de sluiting bij wet is voorzien en noodzakelijk wordt geacht.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het bestreden besluit naar verwachting in stand blijft en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens harddrugs wordt afgewezen.