ECLI:NL:RBROT:2020:5533
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf op grond van de Wet zorg en dwang
De rechtbank Rotterdam behandelde op 5 juni 2020 het verzoek van het CIZ om een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf van een cliënt met een psychogeriatrische aandoening, de ziekte van Alzheimer. De cliënt vertoont ernstig nadeel door haar aandoening, waaronder geheugenverlies, desoriëntatie, dwaalgedrag en onvermogen tot zelfzorg.
Tijdens de mondelinge behandeling, die telefonisch plaatsvond vanwege COVID-19, werden de cliënt, haar echtgenoot, zoon en behandelend arts gehoord. Uit de medische verklaring en het zorgplan bleek dat opname noodzakelijk is om ernstig lichamelijk letsel, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor veiligheid te voorkomen. Minder ingrijpende maatregelen zijn niet mogelijk omdat de cliënt 24-uurszorg en toezicht nodig heeft.
Hoewel de cliënt zich verzet tegen opname en verblijf en aangeeft terug te willen naar haar woning en echtgenoot, is de rechtbank van oordeel dat aan de wettelijke criteria is voldaan. De machtiging wordt verleend voor een periode van zes maanden, tot en met 5 december 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Machtiging tot opname en verblijf verleend voor zes maanden wegens ernstig nadeel en ontbreken van minder ingrijpende alternatieven.