ECLI:NL:RBROT:2020:5517
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot voortzetting van crisismaatregel op grond van Wvggz
De officier van justitie verzocht op 8 mei 2020 om voortzetting van een op 7 mei 2020 opgelegde crisismaatregel voor betrokkene, die verblijft in een psychiatrische instelling. Tijdens de mondelinge behandeling op 11 mei 2020 werden betrokkene, haar advocaat en behandelend artsen telefonisch gehoord vanwege COVID-19.
De rechtbank oordeelde dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder levensgevaar en ernstige verwaarlozing, veroorzaakt door een vermoedelijke psychotische stoornis mogelijk in combinatie met middelengebruik. De crisissituatie was zo ernstig dat de reguliere zorgmachtigingsprocedure niet kon worden afgewacht.
De verplichte zorg omvat medicatie, medische controles, bewegingsbeperking, insluiting, toezicht, onderzoek aan lichaam en woonruimte, controle op middelengebruik en opname in een accommodatie. Betrokkene verzette zich tegen deze zorg, maar er waren geen minder bezwarende alternatieven.
De rechtbank achtte de zorgmaatregelen noodzakelijk, evenredig en effectief en verleende de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor de duur van drie weken, tot en met 1 juni 2020.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met verplichte zorg voor drie weken.