ECLI:NL:RBROT:2020:4619

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
6 mei 2020
Publicatiedatum
26 mei 2020
Zaaknummer
C/10/595426 / FA RK 20-2877
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 WvggzArt. 3:3 WvggzArt. 3:4 WvggzArt. 2 Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing zorgmachtiging op grond van vrijwillige zorgacceptatie bij psychische stoornis

De officier van justitie verzocht de rechtbank Rotterdam om een zorgmachtiging te verlenen op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro vanwege vermoedelijk ernstig nadeel veroorzaakt door een psychische stoornis bij betrokkene.

Tijdens de mondelinge behandeling op 6 mei 2020, die telefonisch plaatsvond vanwege COVID-19, werd vastgesteld dat betrokkene zelfstandig woont, huishoudelijke hulp accepteert, en eenmaal per maand contact heeft met ambulante behandelaars. Betrokkene gebruikt zijn medicatie en verklaarde niet opgenomen te willen worden, maar wel zorg en medicatie te accepteren om opname te voorkomen.

De rechtbank oordeelde dat omdat de noodzakelijke zorg op vrijwillige basis wordt geaccepteerd en betrokkene niet wil worden opgenomen, het uiterste middel van verplichte zorg niet noodzakelijk is. Daarom werd het verzoek tot zorgmachtiging afgewezen. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: Het verzoek tot zorgmachtiging wordt afgewezen omdat betrokkene vrijwillig zorg accepteert en opname wil vermijden.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie
Zaak-/rekestnummer: C/10/595426 / FA RK 20-2877
Betrokkenenummer: [nummer]
Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 6 mei 2020 betreffende een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)
op verzoek van:
de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam,hierna: de officier,
met betrekking tot:
[naam betrokkene],
geboren op [geboortedatum betrokkene] te [geboorteplaats betrokkene] ,
hierna: betrokkene,
wonende aan het [adres betrokkene] , [woonplaats betrokkene] ,
advocaat mr. J.A. van Gemeren te Rotterdam.

1..Procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 22 april 2020.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
 de medische verklaring opgesteld door S.M. Kooper, psychiater, van 15 april 2020;
 het zorgplan van januari 2020 met bijlagen, en
 de bevindingen van de geneesheer-directeur over het zorgplan.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 6 mei 2020. Bij die gelegenheid zijn conform artikel 2 Tijdelijke Pro wet COVID-19 Justitie en Veiligheid de navolgende personen telefonisch gehoord, omdat het houden van een fysieke zitting vanwege het coronavirus niet mogelijk was:
 betrokkene met zijn hierboven genoemde advocaat, en
 A. Vosters, ambulant psychiatrisch verpleegkundige, verbonden aan Antes.
1.3.
De officier is niet ter zitting verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2..Beoordeling

2.1.
Criteria zorgmachtiging
2.1.1.
De rechter kan op verzoek van de officier een zorgmachtiging verlenen ten aanzien van een persoon wanneer wordt voldaan aan de criteria en de doelen van verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:3 en Pro 3:4 Wvggz. Verplichte zorg is zorg die ondanks verzet kan worden verleend.
Indien het gedrag van een persoon als gevolg van een psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel, kan als uiterste middel verplichte zorg worden verleend, indien er geen mogelijkheden voor zorg op basis van vrijwilligheid zijn, er voor een persoon geen minder bezwarende alternatieven met het beoogde effect zijn, het verlenen van verplichte zorg gelet op het beoogde doel evenredig is en redelijkerwijs te verwachten is dat het verlenen van verplichte zorg effectief is.
Verplichte zorg kan worden verleend om ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van een persoon te stabiliseren of dusdanig te herstellen dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, of de fysieke gezondheid van een persoon te stabiliseren of te herstellen in het geval diens gedrag als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel daarvoor.
2.1.2.
Uit de geneeskundige verklaring en de mondelinge behandeling blijkt dat er sprake is van ernstig nadeel dat vermoedelijk wordt veroorzaakt door een psychische stoornis, te weten een depressie met schizotypische kenmerken en autisforme trekken. Betrokkene in de voorliggende zaak woont zelfstandig en accepteert huishoudelijke hulp. Hij heeft één keer in de maand contact met zijn ambulant behandelaars. Dat gaat goed. Betrokkene accepteert zijn medicatie. Betrokkene verklaart ter zitting dat hij niet meer opgenomen wil worden en hij beseft dat hij, om opname te voorkomen, zorg en medicatie moet accepteren. Nu de nodige zorg op basis van vrijwilligheid verleend kan worden, is verplichte zorg niet nodig. Het verzoek zal om die reden worden afgewezen.

3..Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek af.
Deze beschikking is op 6 mei 2020 mondeling gegeven door mr. A.C. Hendriks, rechter, in tegenwoordigheid van H.J. de Wit, griffier, en op 11 mei 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.