ECLI:NL:RBROT:2020:4273
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing zorgmachtiging wegens bereidheid tot vrijwillige behandeling bij psychotische stoornis
De rechtbank Rotterdam behandelde op 8 mei 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Betrokkene lijdt aan een psychotische ontregeling en was eind januari 2020 gestopt met haar medicatie, wat leidde tot een recidief psychotische episode met nadelige gevolgen. Na een incident begin maart 2020 werd zij door de politie aangehouden en opgenomen in een psychiatrische instelling, waar haar toestand stabiliseerde door herstart van medicatie.
Tijdens de zitting gaf betrokkene aan bereid te zijn de medicatie weer in te nemen en afspraken met haar ambulante behandelaren na te komen. Haar advocaat bevestigde dat zij goed inzicht heeft in haar situatie en de noodzaak van behandeling erkent. De rechtbank oordeelde dat er geen reden was om aan deze bereidheid en het inzicht te twijfelen.
Gezien het feit dat verplichte zorg slechts kan worden verleend indien vrijwillige zorg niet mogelijk is en er geen minder bezwarende alternatieven zijn, wees de rechtbank het verzoek tot zorgmachtiging af. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Het verzoek tot zorgmachtiging wordt afgewezen omdat betrokkene bereid is vrijwillige behandeling te ondergaan.