ECLI:NL:RBROT:2020:4237
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De rechtbank Rotterdam behandelde op 14 april 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan een Bipolaire-I-stoornis met een maniform beeld. Uit de medische verklaring, het zorgplan en de mondelinge behandeling bleek dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt door haar psychische stoornis, waaronder het oproepen van agressie door hinderlijk gedrag.
De rechtbank stelde vast dat vrijwillige zorg niet mogelijk was omdat betrokkene onvoldoende bereid was tot behandeling. De noodzakelijke verplichte zorg omvatte medicatietoediening, beperking van bewegingsvrijheid tot 17 april 2020, beperkingen in het eigen leven ter toelating van begeleiding door het IBT- en FACT-team voor zes maanden, en opname in een accommodatie tot 17 april 2020. Minder bezwarende alternatieven ontbraken en de zorg was evenredig en effectief.
De rechtbank besloot de zorgmachtiging toe te wijzen voor de duur van zes maanden, met de genoemde maatregelen, en bepaalde dat deze geldt tot en met 14 oktober 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorgmaatregelen om ernstig nadeel af te wenden.