Eiseres was bestuurder en aandeelhouder van een onderneming en werkte fulltime mee. In februari 2019 trad zij terug als bestuurder en droeg haar aandelen over aan haar vader. Na de overdracht bleef zij als werknemer werkzaam met een fulltime dienstverband. Tijdens haar zwangerschapsverlof in 2019 ontstond onduidelijkheid over haar arbeidscontract en de status van haar dienstverband.
Op 11 november 2019 werd zij ziekgemeld en door gedaagde als 'ziek uit dienst' gemeld bij het UWV met als laatste werkdag 10 november 2019. Eiseres betwist dat haar arbeidsovereenkomst was geëindigd en vordert loonbetaling vanaf die datum. Gedaagde stelt dat het dienstverband rechtsgeldig is beëindigd en beroept zich op de vervaltermijn van twee maanden voor vernietiging van de opzegging.
De kantonrechter oordeelt dat het dienstverband na de aandelenoverdracht voortduurde op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, maar dat de opzegging door gedaagde op 10 november 2019 rechtsgeldig was. Eiseres heeft niet binnen de wettelijke vervaltermijn van twee maanden een verzoek tot vernietiging ingediend, waardoor haar vordering geen kans van slagen heeft. De loonvordering wordt daarom afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.