ECLI:NL:RBROT:2020:3569
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De rechtbank Rotterdam behandelde op 8 april 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan meerdere psychische aandoeningen waaronder polydrugsmisbruik en ADHD.
Uit de medische verklaring, het zorgplan en de mondelinge behandeling blijkt dat betrokkene zorgmijdend is, geen vaste verblijfplaats heeft en door zijn stoornissen ernstig nadeel lijdt, zoals risico op lichamelijk letsel, financiële schade en maatschappelijke teloorgang. Vrijwillige zorg is niet mogelijk en verplichte zorg is noodzakelijk om zijn geestelijke gezondheid te stabiliseren en ernstig nadeel af te wenden.
De rechtbank acht de voorgestelde vormen van verplichte zorg, waaronder medicatie, beperking van bewegingsvrijheid, insluiting en toezicht, noodzakelijk en evenredig. Minder bezwarende alternatieven zijn niet beschikbaar en de zorg wordt toegekend voor de duur van zes maanden.
De beschikking is mondeling gegeven op 8 april 2020 en schriftelijk uitgewerkt op 15 april 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorgmaatregelen om ernstig nadeel af te wenden.