ECLI:NL:RBROT:2020:3543

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
19 maart 2020
Publicatiedatum
17 april 2020
Zaaknummer
C/10/593361 / FA RK 20-1826
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 37 WzdArt. 38 WzdArt. 39 WzdArt. 29 lid 1 en 2 Wzd
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot voortzetting inbewaringstelling op grond van voldoende vrijwilligheid

Het CIZ verzocht de rechtbank Rotterdam om een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling van een cliënt op grond van artikel 37 van Pro de Wet zorg en dwang (Wzd). De procedure startte met het verzoekschrift ingediend op 17 maart 2020, waarbij ook de beschikking van de burgemeester en een medische verklaring werden overgelegd.

Op 19 maart 2020 vond de mondelinge behandeling plaats, waarbij de cliënt en zijn advocaat telefonisch werden gehoord, evenals een arts verbonden aan de instelling waarin de cliënt verblijft. De arts verklaarde dat de cliënt geen enkel blijk van verzet toonde en dat er voldoende vertrouwen was dat de cliënt vrijwillig in de instelling zou blijven.

De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 37 Wzd Pro, in samenhang met artikelen 38 en 39 Wzd, een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling alleen kan worden verleend indien de burgemeester een last tot inbewaringstelling heeft afgegeven. Gezien de verklaring van de arts en het ontbreken van verzet van de cliënt, concludeerde de rechtbank dat de vrijwilligheid voldoende was en wees het verzoek af.

Tegen deze beschikking staat cassatie open. De beschikking werd mondeling gegeven op 19 maart 2020 en schriftelijk uitgewerkt en getekend op 27 maart 2020.

Uitkomst: Het verzoek tot voortzetting van de inbewaringstelling wordt afgewezen wegens voldoende vrijwilligheid van de cliënt.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie
Zaak-/rekestnummer: C/10/593361 / FA RK 20-1826
Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 19 maart 2020 betreffende een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling als bedoeld in artikel 37 van Pro de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten (hierna: Wzd)
op verzoek van:
het CIZ,
met betrekking tot:
[naam cliënt],
geboren op [geboortedatum cliënt] [geboorteplaats cliënt] , [geboorteland cliënt] ,
hierna: cliënt,
wonende aan de [adres cliënt] , [postcode] [woonplaats cliënt] ,
thans verblijvende in Verpleeghuis de Sterrenlanden te Dordrecht,
advocaat mr. H.J. Naber te Dordrecht.

1..Procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van het CIZ, ingekomen ter griffie op 17 maart 2020.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
 de beschikking van de burgemeester van 16 maart 2020;
 de verklaring van drs. P.R.N. Nazir, arts, van 16 maart 2020.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 19 maart 2020. Bij die gelegenheid zijn (conform de Tijdelijke regeling F&J rechtbanken i.v.m. Corona) telefonisch gehoord:
 cliënt met zijn hierboven genoemde advocaat;
 [naam arts] , arts, verbonden aan Verpleeghuis de Sterrenlanden.

2..Beoordeling

2.1.
Op grond van artikel 37 Wzd Pro in samenhang gelezen met de artikelen 38 en 39 Wzd kan de rechter op verzoek van het CIZ met betrekking tot een cliënt een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling verlenen, indien de burgermeester ten aanzien van deze cliënt op grond van artikel 29 lid 1 en Pro 2 Wzd een last tot inbewaringstelling heeft afgegeven.
2.2.
Ter zitting verklaart de arts dat cliënt in de instelling geen enkel blijk van verzet toont. Hij heeft voldoende vertrouwen dat cliënt vrijwillig in de instelling zal verblijven.
2.3.
Gelet op het voorgaande wordt het verzoek om een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling afgewezen.

3..Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek af.
Deze beschikking is op 19 maart 2020 mondeling gegeven door mr. M.W.J. van Elsdingen, rechter, in tegenwoordigheid van H.J. de Wit, griffier, en op 27 maart 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.