ECLI:NL:RBROT:2020:3111
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing zorgmachtiging op grond van Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De rechtbank Rotterdam behandelde op 30 maart 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Betrokkene lijdt aan schizofrenie en vertoont gedrag dat leidt tot ernstig nadeel, waaronder risico op ernstig lichamelijk letsel en maatschappelijke teloorgang. Ondanks medicamenteuze behandeling is sprake van chronische wanen en verwaarlozing van zelfzorg en leefomgeving.
De rechtbank stelde vast dat betrokkene niet bereid was zich te laten horen en onvoldoende bereid is vrijwillige zorg te accepteren, mede omdat hij medicatie weigert. De advocaat voerde aan dat er geen sprake is van verzet, maar de medische verklaring en zorgplan tonen aan dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren.
De rechtbank achtte de voorgestelde vormen van verplichte zorg, waaronder medicatietoediening, bewegingsbeperking, insluiting, toezicht en opname in een accommodatie, noodzakelijk, evenredig en effectief. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven. De zorgmachtiging wordt verleend voor zes maanden tot 30 september 2020.
De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk uitgewerkt, met mogelijkheid tot cassatie.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorgmaatregelen voor betrokkene.