ECLI:NL:RBROT:2020:2902

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
1 april 2020
Publicatiedatum
3 april 2020
Zaaknummer
10/651012-19
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1 Wet wapens en munitieArt. 2 Wet wapens en munitie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak medeplegen illegale invoer en bezit vuurwapens in Rotterdam

De rechtbank Rotterdam heeft op 1 april 2020 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een verdachte die werd verdacht van medeplegen van illegale invoer en bezit van vuurwapens in Rotterdam in maart 2019.

De tenlastelegging betrof het zonder toestemming binnenbrengen van een groot aantal vuurwapens en/of munitie van categorie III en het overdragen en/of voorhanden hebben daarvan. Tijdens de terechtzittingen op 9, 10 maart en 1 april 2020 is het bewijs onderzocht.

De officier van justitie heeft gevorderd de verdachte vrij te spreken van de tenlastegelegde feiten. De rechtbank is het hiermee eens en oordeelt dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen. Daarom spreekt de rechtbank de verdachte vrij zonder nadere motivering.

De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam, onder voorzitterschap van mr. I.W.M. Laurijssens en de rechters mr. A. Boer en mr. S.N. Abdoelkadir.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van medeplegen illegale invoer en bezit van vuurwapens.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 3
Parketnummer: 10/651012-19
Datum uitspraak: 1 april 2020
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[naam verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats verdachte] (Joegoslavië) op [geboortedatum verdachte] ,
niet ingeschreven in de basisregistratie personen,
zonder bekende feitelijke woon- of verblijfplaats in Nederland,
raadsvrouw mr. T. Gümüs, advocaat te Rotterdam.

1..Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzittingen van 9 en 10 maart 2020 en 1 april 2020.

2..Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3..Eis officier van justitie

De officieren van justitie mrs. H.A. van Wijk en M. Luijpen (hierna: de officier van justitie) hebben gevorderd:
- vrijspraak van het onder 1 en 2 ten laste gelegde.

4..Vrijspraak zonder nadere motivering feit 1 en 2

Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het onder 1 en 2 ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken.

5..Bijlage

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

6..Beslissing

De rechtbank:
verklaart niet bewezen, dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. I.W.M. Laurijssens, voorzitter,
en mrs. A. Boer en S.N. Abdoelkadir, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. A.M. in 't Veld, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.
Bijlage I
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
Feit 1
hij
op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode
1 maart 2019 tot en met 25 maart 2019
te Rotterdam, althans in Nederland,
meermalen, althans eenmaal, tezamen en in vereniging met een ander of anderen,
althans alleen,
zonder consent een of meer wapens van categorie III van de Wet wapens en
munitie, te weten 33, althans een groot aantal vuurwapens, (pisto(o)l(en) van
het merk Zoraki, model 906 kaliber 7.65 MM) en/of munitie heeft doen
binnenkomen.
Feit 2
hij
op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode
1 maart 2019 tot en met 25 maart 2019
te Rotterdam, althans in Nederland
meermalen, althans eenmaal, tezamen en in vereniging met een ander of anderen,
althans alleen,
wapens van categorie III, te weten 33, althans een groot aantal, vuurwapens
en/of munitie, heeft overgedragen en/of voorhanden heeft gehad.