De vrouw verzocht de rechtbank om vervangende toestemming om met haar minderjarige kind naar Antwerpen te verhuizen en het kind daar in te schrijven op een school. De man, die het gezamenlijk gezag uitoefent, verzocht dit te verbieden en stelde zelf een wijziging van de hoofdverblijfplaats en een zorgregeling voor.
De rechtbank stelde vast dat de vrouw de feitelijke zorg voor het kind draagt en dat zij de verhuizing goed heeft voorbereid, met een stabiel netwerk en een geschikte school in Antwerpen. De belangen van de vrouw bij het opbouwen van een nieuw gezinsleven met haar nieuwe partner, die in Antwerpen woont, wegen zwaarder dan het belang van de man bij frequent contact.
De rechtbank wees het verzoek van de man tot verbod op verhuizing af en verleende de vrouw vervangende toestemming. Tevens stelde de rechtbank een zorgregeling vast waarbij de minderjarige driemaal per maand in het weekend bij de man verblijft, de helft van de Islamitische feestdagen deelt, drie weken in de zomervakantie bij hem is, en wekelijks doordeweeks contact via video heeft.
De proceskosten worden ieder door de eigen partij gedragen. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open.