ECLI:NL:RBROT:2020:2361
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Oproeping nietig in ontnemingszaak wegens niet-betekening oproeping
In deze ontnemingszaak vordert de officier van justitie een geldbedrag van €29.985,67 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De zaak werd behandeld door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam op 27 februari 2020.
Tijdens de terechtzitting is vastgesteld dat de oproeping van de verdachte niet op de wettelijk voorgeschreven wijze is betekend. De verdachte is niet verschenen op de zitting. Hierdoor is de oproeping nietig verklaard door de rechtbank.
De rechtbank heeft daarom de vordering niet inhoudelijk behandeld en de oproeping nietig verklaard. Dit betekent dat de procedure in deze vorm niet kan worden voortgezet totdat een geldige oproeping heeft plaatsgevonden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de oproeping nietig wegens niet-betekening en behandelt de vordering niet inhoudelijk.