Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
gemachtigde mr. R.S. Pot.
[naam zoon van verzoeker en vriendin], zoon van verzoeker en zijn vriendin,
wonende aan de [adres verzoeker] te [woonplaats verzoeker] .
Rechtbank Rotterdam
De burgemeester van Hendrik-Ido-Ambacht verlengde een huisverbod voor verzoeker met achttien dagen wegens een aanhoudend ernstig en onmiddellijk gevaar voor de veiligheid van gezinsleden. Verzoeker stelde beroep in tegen deze verlenging en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. Tijdens de zitting op 27 november 2020 werd vastgesteld dat er nog geen veiligheidsafspraken waren gemaakt omdat een gepland partnergesprek voortijdig werd afgebroken door oplopende spanningen en het overtreden van het contactverbod door verzoeker.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het gevaar zich nog voortzette ten tijde van het bestreden besluit en dat de verlenging van het huisverbod een doel diende, namelijk het opstarten van hulpverlening en het opstellen van een plan van aanpak. De rechtbank wees het beroep ongegrond en verwierp tevens de verzoeken om voorlopige voorziening, schadevergoeding en proceskostenvergoeding.
De voorzieningenrechter was terughoudend in de toetsing van de redelijkheid van de verlenging en concludeerde dat verweerder redelijkerwijs gebruik mocht maken van de bevoegdheid tot verlenging. Omdat het volgende partnergesprek gepland stond op 1 december 2020, zag de rechtbank geen aanleiding om het huisverbod op te heffen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlenging van het huisverbod wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.