Uitspraak
[naam verdachte] ,
Procedure
Standpunt verdediging
Standpunt officier van justitie
Beoordeling
Beslissing
mrs. V.F. Milders en G.P. van de Beek, rechters,
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een hoger beroep tegen een beslissing van de rechter-commissaris op een vordering ex artikel 226a Sv, waarbij de identiteit van een getuige als bedreigde getuige werd beschermd.
De verdachte werd ervan verdacht deel te nemen aan een terroristische organisatie en witwassen. De officier van justitie had op 13 augustus 2019 een vordering ingediend om de identiteit van een getuige te verbergen. De rechter-commissaris had deze vordering toegewezen zonder dat de verdachte en zijn raadsman voorafgaand aan deze beslissing waren gehoord.
De verdediging stelde dat hierdoor de beginselen van hoor en wederhoor en equality of arms werden geschonden. De rechtbank oordeelde dat het niet horen van verdachte en zijn raadsman een ernstig formeel gebrek vormt, waardoor de beslissing niet in stand kan blijven.
Het hoger beroep werd gegrond verklaard en de beslissing van 7 januari 2020 vernietigd. De zaak wordt terugverwezen naar een andere rechter-commissaris om de vordering opnieuw te behandelen met inachtneming van de wettelijke voorschriften.
Uitkomst: De beslissing van de rechter-commissaris wordt vernietigd wegens het niet horen van verdachte en zijn raadsman.