ECLI:NL:RBROT:2020:11196

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
27 oktober 2020
Publicatiedatum
7 december 2020
Zaaknummer
C/10/605429 / JE RK 20-2769
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6.1.2 Jeugdwet
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening machtiging gesloten jeugdhulp voor kwetsbare jeugdige met gedragsproblemen

De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond om een machtiging gesloten jeugdhulp te verlenen aan een jeugdige met ernstige gedrags- en hechtingsproblemen. De jeugdige verblijft momenteel in een gesloten groep en vertoont zelfbepalend en wegloopgedrag, wat onveilige situaties veroorzaakt. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit, maar een terugplaatsing is momenteel niet mogelijk.

De kinderrechter heeft de machtiging gesloten jeugdhulp verleend voor een periode van vier maanden, korter dan het door de GI verzochte maximum van negen maanden. Dit besluit is genomen op basis van de ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige ernstig belemmeren en de noodzaak om te voorkomen dat hij zich aan hulpverlening onttrekt.

Tijdens de zitting is gebleken dat de jeugdige zich opgesloten voelt in de huidige plaatsing en voorkeur uitspreekt voor een open groep elders. Een persoonlijkheidsonderzoek zal worden uitgevoerd om de problematiek beter in kaart te brengen en de juiste hulpverlening en vervolgplek te bepalen.

De beslissing op het resterende verzoek is aangehouden tot een zitting op 12 februari 2021, waar de uitkomsten van het onderzoek zullen worden besproken. De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk vastgesteld op 18 november 2020.

Uitkomst: Machtiging gesloten jeugdhulp verleend voor vier maanden met vervolgzitting gepland.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd
zaakgegevens: C/10/605429 / JE RK 20-2769
datum uitspraak: 27 oktober 2020

beschikking machtiging gesloten jeugdhulp

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,

hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,
betreffende

[naam kind],

geboren op [geboortedatum kind] 2007 te [geboorteplaats kind], hierna te noemen [naam kind].
De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[naam moeder],

hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder].

Het procesverloop

Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:
- de beschikking van de kinderrechter in deze rechtbank van 6 oktober 2020 en de daaraan ten grondslag liggende stukken;
- het proces-verbaal van 12 oktober 2020;
- de instemmende verklaring van 21 oktober 2020 van de gekwalificeerde gedragswetenschapper.
Op 27 oktober 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld.
Gehoord zijn:
- [naam kind], die ook voorafgaande aan de zitting is gehoord, bijgestaan door
mr. C.P. Timmers,
- de moeder,
- een vertegenwoordigster van de GI, [naam].

De feiten

Het ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de moeder.
[naam kind] verblijft op de gesloten groep van Harreveld.
Bij beschikking van 7 september 2020 is de ondertoezichtstelling van [naam kind] verlengd tot 20 september 2021. De kinderrechter heeft bij beschikking van 6 oktober 2020 is een machtiging gesloten jeugdhulp verleend tot 3 november 2020. De beslissing op het verzoek voor het overige is aangehouden.

Het (aangehouden) verzoek

De GI heeft een spoedmachtiging verzocht om [naam kind] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van vier weken en aansluitend op grond van artikel 6.1.2 lid 1 Jeugdwet voor de duur van vijf maanden. Er dient nog beslist te worden op het laatstgenoemde verzoek.
De GI heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. Er zal een persoonlijkheidsonderzoek bij [naam kind] worden afgenomen, omdat niet duidelijk is welke problematiek er nu precies bij hem speelt. Hierdoor zal hopelijk duidelijk worden welke hulpverlening de juiste is voor [naam kind] en wat voor opvoedondersteuning ingezet moet worden voor de moeder in de thuissituatie. De komende periode zal de GI naar een passende vervolgplek voor [naam kind] zoeken.

De standpunten

Door en namens [naam kind] is ter zitting aangegeven dat hij zich in Harreveld meer
opgesloten voelt dan bij zijn eerdere plaatsing in een gesloten groep. [naam kind] wil graag
in een open groep teruggeplaatst worden, maar hij gaat liever niet terug naar Rijnhove,
omdat hij zich daar niet thuis heeft gevoeld. Een plaatsing in een (open) instelling in Utrecht
ziet [naam kind] wel zitten. Hij heeft van een bekende positieve verhalen gehoord over deze
instelling, maar weet helaas de naam niet. De verzochte duur van de machtiging gesloten
jeugdhulp vindt [naam kind] te lang. De machtiging zou maximaal vier maanden, maar het
liefst maximaal drie maanden moeten duren. [naam kind] ziet het nut van een
persoonlijkheidsonderzoek zeker in.
De moeder heeft ter zitting aangegeven dat [naam kind] in verschillende instellingen heeft
verbleven. Sinds kort gaat het beter met [naam kind]. Van belang is dat de voor [naam kind]
noodzakelijke hulpverlening wordt ingezet. Hiervoor is een persoonlijkheidsonderzoek
nodig. Op dit moment is een terugplaatsing van [naam kind] bij de moeder niet mogelijk.

De beoordeling

Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.2, tweede lid, van de Jeugdwet kan een machtiging gesloten jeugdhulp slechts worden verleend indien naar het oordeel van de kinderrechter deze jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Bovendien dient de opneming en verblijf noodzakelijk te zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken. Naar het oordeel van de kinderrechter is hiervan sprake.
Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat er ernstige zorgen over [naam kind] zijn. Hij oogt als een kwetsbare, getraumatiseerde jongen, aldus de gedragswetenschapper. Bij hem is waarschijnlijk sprake van forse hechtings- en sociaal-emotionele problematiek, waaruit zich al voor zijn twaalfde jaar een ernstige gedragsstoornis aan het ontwikkelen is. [naam kind] heeft een instabiele en onrustige jeugd gekend. In de loop van de jaren is de gedragsproblematiek van [naam kind] verergert en hebben moeder en [naam kind] in zeer beperkte mate kunnen profiteren van de ingezette hulp. [naam kind] vertoont zelfbepalend en wegloopgedrag en komt daardoor in onveilige situaties terecht, zowel onveilig voor hemzelf als voor anderen in zijn omgeving. Een nieuwe plaatsing binnen
de gesloten jeugdhulp is volgens de gedragswetenschapper noodzakelijk zodat [naam kind] zich niet meer kan onttrekken aan de voor hem noodzakelijke hulp. Van belang is daarbij dat een persoonlijkheidsonderzoek wordt afgenomen, opdat de problematiek van [naam kind] duidelijk(er) wordt. Zo kan de juiste hulpverlening aan hem worden geboden en is er meer zicht op een passende vervolgplek. Daarom zal de kinderrechter de machtiging gesloten jeugdhulp verlenen, maar voor een kortere duur dan is verzocht, namelijk voor een periode van vier maanden. Op de volgende zitting kan naar aanleiding van de uitkomsten van het persoonlijkheidsonderzoek bekeken worden welke hulpverlening en welke woonplek het meest in het belang van [naam kind] zijn. De beslissing op het resterende deel van het verzoek zal daarom worden aangehouden tot de hierna te noemen zittingsdatum.

De beslissing

De kinderrechter:
verleent een machtiging gesloten jeugdhulp met ingang van 27 oktober 2020 tot uiterlijk
27 februari 2021 betreffende [naam kind];

En alvorens verder te beslissen:

bepaalt dat het verhoor van de GI, de belanghebbende, [naam kind] en mr. C.P. Timmers in deze zaak zal plaatsvinden op
12 februari 2021 te 10:30 uurin het gerechtsgebouw te
Dordrecht, Steegoversloot 36;
de zaak zal op genoemde datum en tijdstip, behoudens onvoorziene omstandigheden, worden behandeld door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter.
bepaalt dat een afschrift van deze beschikking geldt als oproeping van [naam kind], de GI, de belanghebbende en mr. C.P. Timmers;
verzoekt de GI
uiterlijk een weekvoor de genoemde datum de kinderrechter te rapporteren (met afschrift aan de belanghebbenden) over de laatste stand van zaken en daarbij aan te geven of het resterende gedeelte van het verzoek wordt gehandhaafd.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2020 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.J.A. Batenburg als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 18 november 2020.
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.