Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..De vordering
4..Het verweer
5..De beoordeling
6..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
In deze kortgedingprocedure vordert eiseres ontruiming van een accommodatie voor migrantenhuisvesting en betaling van een huurachterstand door gedaagde. Gedaagde huurt de accommodatie tegen een huurprijs van €60 per bed per week, maar er ontstond een huurachterstand. Eiseres vordert ontruiming binnen twee dagen en betaling van openstaande facturen en boeterente.
Gedaagde betwist de verschuldigdheid van de facturen en stelt dat de huurachterstand is ingelopen. Tevens voert zij aan dat schade aan het gehuurde reeds is vergoed en maakt zij een verrekeningsverweer met proceskosten. Tijdens de procedure blijkt dat er meerdere geschilpunten zijn, onder meer over bewonersaantal, onderhoud en incidenten.
De kantonrechter oordeelt dat de facturen niet voldoende zijn onderbouwd en dat nader feitenonderzoek nodig is, wat in kort geding niet mogelijk is. Omdat de huurachterstand is ingelopen, is het spoedeisend belang voor ontruiming komen te vervallen. De vorderingen worden afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen tot ontruiming en betaling van huurachterstand worden afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid en het ontbreken van spoedeisend belang.