Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- de heer [naam 1] en de heer [naam 2] , beiden werkzaam bij Kredietbank Rotterdam (hierna te noemen schuldhulpverlening),
2.De feiten
3.De beoordeling
6 november 2018. Deze schuld is naar haar aard niet te goeder trouw ontstaan.
4. De beslissing
mr. N.A. Masrom, griffier, in het openbaar uitgesproken op 29 november 2019. [1]